André Gräfe, “dat we met een verbouwing die te overzien was in deze ruimte een zwembad konden integreren, dat groot genoeg was voor zwemtraining.” Toen deze principiële vraag was beantwoord, kwam het ontwerp ter sprake. Moest het een prefab-bassin worden of een traditioneel betonnen bassin? Het antwoord werd al snel duidelijk. “Als de keus op een bassin uit één stuk was gevallen”, vertelt André Gräfe, “zouden we met de beschikbare ruimte maar een heel klein bassin met een maximale breedte van 2,50 meter hebben kunnen inbouwen.” De opdrachtgever koos dus voor een betonnen bassin van 9 bij 3,50 meter en 1,50 meter diep, met een begaanbare goot. Deze oplossing bleek gunstig, omdat er voldoende ruimte tussen zwembad en plafond overblijft en zwemmers zich niet ingesloten voelen. Het voorstel het bassin met mozaïek te bekleden werd uit kosten- overwegingen afgewezen. Het zwembad werd daarom sober bekleed met folie. De folie werd tot onder de steen van de goot doorgetrokken en met epoxyhars vastgezet. “Wanneer de doorstroming goed is, is een goot aan één zijde van het bassin voldoende”, vertelt André Gräfe over de constructie. Bijzonder daarbij was dat een dragende kolom, die dus essentieel is voor de constructie van het huis, in de gootconstructie moest worden geïntegreerd. Op deze plek is de goot dan ook onderbroken. Voordat het zwembad werd gebouwd, werd de hele ruimte voorzien van ISO-warmte-isolatie en een dampwerende laag, zodat de ruimte bouwfysisch geschikt is voor gebruik als binnenzwembad. Op de plek waar vroeger de roldeur van de garage was, monteerden de 50 REPORTAGE Voor het zwembad werd de garage opgeofferd. Het zwembad is nu groot genoeg om intensief te kunnen trainen. De opdrachtgever koos voor een betonnen bassin van 9 bij 3,50 meter en 1,50 meter diep. MAGAZINE | 2020
RkJQdWJsaXNoZXIy MjUxODg=