voorverwarmd in de recuperator en de temperatuur wordt verder verhoogd in de nageschakelde condensator van de warmtepomp. Als optie kan de warmtepomp haar energie via een extra warmtewisselaar aan het zwembadwater afgeven. Dit betekent dat de warmtepomp ook in de zomer kan worden gebruikt als het binnenzwembad geen warmte meer nodig heeft. Bovendien wordt de condensatietemperatuur van de warmtepomp het hele jaar door verlaagd, wat leidt tot een hogere prestatiecoëfficiënt. Wordt het zwembad niet gebruikt, dan wordt de binnenlucht ontvochtigd met behulp van circulatielucht. De recuperator koelt de lucht dan voordat deze de verdamper van de warmtepomp bereikt. Vergeleken met warmtepompen die puur op circulatielucht lopen, is dit efficiënter. Airconditioners van dit type zijn meestal voorbehouden aan grotere hotels of openbare zwembaden met lange bedrijfstijden. ANDERE OPTIES OM ENERGIE TE BESPAREN Het afdekken van het zwembad wanneer het niet wordt gebruikt, is de effectiefste manier om de verdamping van water te verminderen. Bij overdekte zwembaden kan ook de temperatuur in de ruimte worden verlaagd, wat tot verdere energiebesparingen leidt. Dan is er wel airconditioning nodig die de temperatuur in de zwembadruimte binnen zeer korte tijd op gebruikstemperatuur kan brengen. Is een zwembad niet afgedekt, dan heeft het verlagen van de temperatuur in de ruimte precies het tegenovergestelde effect. De verdamping stijgt dan aanzienlijk, zodat de extra kosten voor de ontvochtiging hoog zijn. Daarom moet bij een niet afgedekt zwembad de binnentemperatuur ongeveer 2 tot 3 °C boven de temperatuur van het zwembadwater liggen. Ook het verhogen van de luchtvochtigheid in de zwembad- ruimte tijdens perioden dat deze niet in gebruik is, bespaart energie. Bij warmere buitentemperaturen kan de luchtvochtigheid binnen hoger worden gezet, omdat er dan minder risico is dat het dauwpunt in de muren wordt overschreden. Geen enkele zwembadbezitter wil permanent met dit complexe probleem te maken hebben. Kwalitatief hoogwaardige airconditioners bevatten daarom regelaars die de binnentemperatuur en -vochtigheid automatisch kunnen instellen. Dan is het energieverbruik optimaal wanneer het zwembad niet wordt gebruikt, maar is het er ook aangenaam als er wel wordt gezwommen. U hoeft zich nergens om te bekommeren en kunt volop genieten. LUCHTGELEIDING BIJ KANAALUNITS De behaaglijkheid in uw binnenbad wordt in belangrijke mate bepaald door de luchtinbrenging. Daarom moet er nadrukkelijk aandacht worden besteed aan het onderwerp luchtinlaat. Speciaal voor zwembaden ontwikkelde sleufrails in de bodem zorgen voor een technisch optimale luchtstroom zonder tocht. De asymmetrische constructie van de lamellen creëert een parallel luchtgordijn voor de ramen. De lucht stroomt echter niet tegen de ramen aan. Door het luchtgordijn beslaan de ramen niet, geven grote raamoppervlakken geen kou af en worden warmteverliezen door transmissie gereduceerd. De afvoerlucht dient aan de andere kant van de zwembadruimte aan het plafond te worden afgezogen. Schaduwvoegen zorgen ervoor dat de afzuigroosters onzichtbaar in de plafondconstructie verdwijnen. ■ Georg Herget (www.herget-online.de) TECHNIEK & ENERGIEBESPARING Luchtvochtigheid en het beschermen van gebouwen in binnenzwembaden Relatieve vochtigheid optimaal comfort tijdens gebruik van het zwembad 30 °C / 53,4 % r. v. Luchtvochtigheidslimiet volgens VDI ongeklede personen [22,7 hPa] Luchtvochtigheid waarbij de bloedsomloop het moeilijk krijgt [32 °C/25,5 hPa] Gebouwbescherming in binnenzwembaden volgens VDI [40% en 64%] Temperatuurgrenzen in binnenzwembaden volgens VDI [34 °C en 30 °C] Onderste temperatuurgrens voor kleedkamers volgens VDI [25 °C] Onderste comfortgrens [27 °C] Optimale energiemodus Rustmodus t.b.v. energieoptimalisatie Comfort tijdens gebruik van het zwembad optimaal comfort tijdens gebruik van het zwembad 84 MAGAZINE | 2024
RkJQdWJsaXNoZXIy MjUxODg=