sopra Magazin 14 NL

gevolg van de installatie, kunnen de daaruit voortvloeiende krachten schade aan filters en pompen veroorzaken. Daarom moeten de leidingen voldoende worden ondersteund of opgehangen. Een flexibele aansluiting voorkomt bovendien een te hoge krachtenoverdracht. Bij de installatie moet ook aandacht worden besteed aan geluidsisolatie. Stromend water in het algemeen, te hoge stroomsnelheden, armaturen en veranderingen in de leidingdoorsnede veroorzaken geluid. Ook de pomp zelf genereert geluid door de motor, de ventilator en het stromende water. Daarom moeten bij de installatie geluidsisolerende maatregelen worden getroffen. Zo kan tussen de grondplaat van de pomp en de fundering een elastisch element worden geplaatst. Leidingen kunnen met behulp van compensatoren van de pomp worden losgekoppeld. Bijkomend voordeel is dat zo de eerder beschreven leidingspanningen worden opgevangen. NOG ENKELE OPMERKINGEN OVER ELEKTRISCHE EN MECHANISCHE BEVEILIGING: Elke pomp wordt gevoed door een spanningsbron, bijvoorbeeld 1~ wisselspanning 230 V of een 3 ~ 400 V draaistroomnet. Daarom moeten de pompen zo zijn ontworpen, dat ze eenvoudig en veilig kunnen worden aangesloten en gebruikt. Belangrijke elektrische basisinformatie over spanning, stroomopname, frequentie, vermogen en beschermingsklasse staat vermeld op het typeplaatje van de motor of de pomp. Laat de aansluiting altijd uitvoeren door een deskundige. Houd er bij het bepalen van het elektrisch vermogen rekening mee dat het daadwerkelijk opgenomen curve liggen. Door gebruik te maken van pompen met regelbare motoren – aangestuurd via geïntegreerde, aangebouwde of losse frequentieregelaars – kan één pomp vaak een breed scala van werkpunten bestrijken. Afhankelijk van de toestand (filtratie, deellastbedrijf, filterspoeling) worden de toerentallen aangepast, waardoor zowel het debiet als de opvoerhoogte veranderen. De vaak genoemde invertertechniek is in feite niets anders dan een toerentalregeling en heeft strikt genomen dezelfde functie als een frequentieomvormer. Ook al worden regelbare aandrijvingen steeds vaker toegepast en wordt daarmee een energiezuinige werking mogelijk gemaakt, moeten de werkpunten nog steeds vooraf worden bepaald. Ook regelbare pompen hebben namelijk karakteristieke curves of karakteristiekvelden, die de te verwachten werkpunten betrouwbaar moeten afdekken. Wat ook invloed heeft op een efficiënte werking – en daarmee een zo laag mogelijk benodigd vermogen – zijn de stroomsnelheden in de leidingen en de algemene beperking van drukverliezen. Hoe hoger de stroomsnelheid, des te groter de weerstand. Goede richtwaarden voor de dimensionering zijn voor zuigleidingen een stroomsnelheid van 1,2–1,5 m/s en voor drukleidingen van 1,5–2,0 m/s. Bij het installeren van filters en pompen is het belangrijk dat het filter en de pomp beide niet als vast punt fungeren. Door de stroming van het water in de leidingen zelf, maar ook door drukschokken (bij abrupte veranderingen van de stroomsnelheid) en spanningen als sopra filterpompen net vezelvanger van sopra-leverancier SPECK. De motor- of pompas komt met het water niet in beweging. TECHNIEK & ENERGIEBESPARING 96 MAGAZINE | 2025

RkJQdWJsaXNoZXIy MjUxODg=